De dweilgroep

Hier een stuk over de historie van de DELFTSE DWEILGROEP DRAAJUH.

Delft, december 2003

Onze Delftse Dweilgroep Draajuh is feitelijk een vriendencluppie, dat (al 10 jaar) deel uitmaakt van de Carnavalsvereniging de Kalfskoppen. We voelen ons dan ook echte Kalfskoppen en dat blijven we ook. Onze "Roots" liggen in Delft (beter bekent als Het Kabbelgat), maar inmiddels zijn we wel wat verspreid geraakt. We komen nu uit Delft, Delfgauw, Den Haag en Collondon (Frankrijk). We zijn natuurlijk goede vrienden, maar er liggen ook nog wat familiebanden in de groep.

Bij sommigen van ons is het vieren van carnaval met de paplepel ingegoten (bijvoorbeeld bij Toes (Rob)), anderen van ons vonden carnaval maar helemaal niets en snapten dan ook niet wat wij eraan vonden. Carnaval was toch immers een feest waar alleen maar heeeel veel bier werd gedronken. (Wat natuurlijk niet geheel onwaar is.)

Arno kwam ± 11 jaar geleden met een oude vriend, Frans van Gaalen, naar de Kalfskoppenresidentie Hofman's “Bodega” en kwam daar Rob Toussain tegen. Rob was een goede vriend en oude buur van Arno, die hij al heel lang niet gezien had. Deze hereniging was een geweldige belevenis met heel veel lol, oude verhalen, nieuwe verhalen, kortom een vernieuwde vriendschap. Ze besloten dan ook dat ze het jaar erna weer samen zouden carnavallen en dat gebeurde ook zo. Dit was het begin van onze groep. De groep werd verder uitgebreid met Anja, (Arno's vrouw), Irene (ook wel Gompie Toes' vrouw), Wilma en Rob( schoonzus en zwager van Arno en Anja en al langer bekend met Carnaval), Sandra en Philippe(nog een schoonzus, zus en zwager van Anja en Wilma en Arno en Rob), Gerard en Hermien, Wilma en Peter en Silvia en Michel. Sandra en Flipse kwamen elk jaar speciaal naar Nederland om carnaval mee te vieren.. Dit maakte het soms wel eens een beetje lastig, omdat kielen, pakken e.d. op de gok gemaakt moesten worden, wat weleens inhield dat je op zaterdag van carnaval nog verstelwerkzaamheden had. In het begin waren vooral de mannen fanatiek en de vrouwen kwamen enkele avonden meedoen. Gaandeweg werd het steeds meer. De laatste jaren vieren we de 4 dagen in zijn geheel, nagenoeg met z'n allen en soms met onze (zeer uitgebreide) kinderschare.

Een naam hadden we eerst nog niet, die werd pas 5 of 6 jaar geleden bedacht. We werden een beetje naar een naam gepusht, met name door Kut us 't Schele, die ook nog wel wilden "fuseren". De naam ontstond naar aanleiding van het polonaise lopen, waarvan Arno vond dat deze niet altijd met de klok mee moest, maar ook weleens tegen de klok in kon gaan. Hij en meestal ook de rest van onze groep riepen dan “DRAAJUH”, waarna iedereen zich omdraaide en de andere kant opliep. Toch was dit niet het moment waarop onze naam geboren werd, dit kwam pas weer een jaar later op een avond waarop wij met z'n allen bij elkaar zaten om een naam te verzinnen. Van alles werd er geroepen, overal werd over gestemd, maar we kwamen er maar niet uit. Op een gegeven moment, nadat we met z'n allen de eeuwwisseling in een boerderij in Egmond gevierd hadden, riep Peter (met staartje) waarom niet “DRAAJUH”, want dat doen wij toch altijd. De groep was er. De naam was er en de kleding kwam, met logo. Groep “DRAAJUH” was geboren.

We waren nog niet zo bekend, maar al snel leerden de kalfskoppen ons kennen en wij de kalfskoppen en er ontstond een band. Verschillende carnavalsavonden volgden. Zaterdagmiddag begint het voor ons, kijken naar de optocht door het Kabbelgat. Direct na de optocht, waar we meestal in aansluiten, duiken we gelijk de kroeg in. Standaard is dat de laatste jaren Cafe Royal aan de Voldergracht. Zaterdagavond ons feest in “Het Witte Huis”, onwijs druk, heet en supergezellig. Maar we schuwen de samenwerking niet hoor, want in 2002 hebben de groepen XS, Kut us 't Schele (kut mij het schele of ik het zo goed schrijf) en DRAAJUH besloten tot een samenwerking die zich in de geschiedenis van het Kalfskopse carnaval nog niet had voorgedaan, nl. de groep Tinfanterie D.X.K. De voorbereidingen voor dit gebeuren waren begin oktober al van start gegaan. We zouden gaan als “De Tinnen Soldaatjes” uit de Disneyparade. (Gelukkig had Joke de Moor hier een heel duidelijk plaatje van…) Marja (bijna eigenaresse van Calvé) had haar kantine hiervoor opengesteld, waarvoor natuurlijk onze hartelijke dank. Zij was er elke maandag- of dinsdagavond (moest wel, want zij had ook de sleutel). Natuurlijk moest er nog een fabuleuze binnenkomst geregeld worden. André de Haan, Vorst van de Kalfskoppen, de man met de gouden en snelle babbel, de man die tien minuten kan lullen zonder iets te zeggen, wilde zijn positie als vorst nog wel een keer riskeren en zorgde ervoor dat wij door verschillende deuren binnen konden komen. De lichten gingen uit en de muziek van de Disneyparade begon. Avond gezellig, groep compleet en feest geslaagd.

Zondag 's middags gaan we vaak met onze kinderen dweilen, tot grote vreugde van onze kinderen, die hun ouders dan tenminste nog 1 dag zien. Zij zagen ons uitgroeien tot een stelletje drinkende en vooral feestvierende pubers (goed voorbeeld voor de kinderen). Ook deze dagen zijn zeer geslaagd. Als we op volle sterkte dweilen incusief kooters met aanhang bestaat de groep uit zo'n 40 personen. Sommigen van ons moesten de maandagen gewoon werken, zij gaan dan ook met hun kinderen naar huis. Anderen van ons hebben het kroost op de tram gezet en zijn zelf nog tot in de kleine uurtjes doorgegaan. Einde feest, snel naar bed, want de maandag stond al weer voor de deur.

Opstaan met een droge mond, een lucht in de slaapkamer, dat wil je niet weten. Een geur die verraadt dat je de vorige avond niet alleen aan de sinas hebt gezeten.

We gaan weer zo goed en kwaad als het kan en zo fris mogelijk weer in de carnavalskleding. Deze kleding lag de 3e dag niet meer netjes gestreken op een stapeltje, maar stond natuurlijk met broek, sokken en schoenen gewoon in de hoek van de frisse slaapkamer. Je kon er zo weer inspringen! Verzamelen bij Hofman. Je weet nooit wat er gaat gebeuren. Eerst maar even dweilen. Naar Royal en daarna een rondje in het Stadhuis, alwaar wij in 2002 werden getrakteerd op een bruiloft van een net aangestelde fietsenmaker, in het roze gekleed met een hoofddeksel dat doet denken aan een lampenkap, dragend de naam Jos en zijn voormalig prinses Esther. (Versiertruc van Jos: “Ga je mee een kopje koffie drinken?”, hierna was het ijs gebroken.). Zo'n bruiloft, dat vergeet je niet gauw meer!!!!

Verzamelen is altijd bij Hofman's Bodega, want dat is toch de gezelligste residentie die er is. Maar we hebben onze favoriete dweilcafe's hoor, met name de Nieuwe Prins, de Congregatiehof , Royal en sinds kort ook Eetcafe Hofman vooral voor onze dames). Het valt niet altijd mee om op tijd te komen, daarom raken we wel eens opgesplitst en missen we de muziek. Nou ja, dan maar niet voor de muziek uit, maar er achteraan. Nou is ons wel eens verteld dat er door carnaval nogal eens een scheiding onstaat( jajaja), maar dan is dat toch zeker niet bij ons het geval. Want bij het carnaval van 2002 werd om middernacht omgeroepen dat Rob T zijn Irene ten huwelijk heeft gevraagd. Hoe vruchtbaar kan carnaval zijn! Vele tranen volgden en met rood doorlopen ogen verliet menigeen het café.

Tegenwoordig maken we op de maandag ook wel eens een uitstapje naar Breda, dat is ook erg de moeite waard. De mannen zijn aan het voorverkennen geweest, de dames zullen dit jaar wel volgen.

Natuurlijk besluiten we het carnaval op de woensdag met haring en bier bij Els en Aad Hofman. Nog even lekker nababbelen en afkicken. Zo'n carnaval krijgen wij niet direct uit ons systeem! We hunkeren dan al weer gelijk naar het volgende seizoen. Wat duurt dat dan nog lang!! Toch, het is al weer bijna zover. Dan kunnen we er weer tegenaan!!

Tot ziens op het volgende Carnaval,

Draajuh...